Categorie: Niet leuk

Toen waren we (even) terug met 2

Een opeenvolging van bizarre zaken deze morgen: een rare groepsknuffel en kus in de keuken, manlief die door de zenuwen (ik ken mijn pappenheimer) een beetje stoïcijns en afstandelijk doet en dan moeder en dochter die staan te wuiven in het deurgat, naar de vertrekkende taxi die de oprit verlaat. Oorlogstaferelen schieten door mijn hoofd. De kroost die huilend staat te zwaaien naar vader die naar de oorlog vertrekt. Hun haren wapperen in de strakke Noordenwind en tranen biggelen langs hun wangen. Zo erg is het niet. Al pink ik wel een traantje weg. We zijn nog nooit zo lang apart van elkaar geweest. Het zal even raar doen.
Een weekje is hij weg, manlief. Een weekje op zakenreis. Een weekje clichés bevestigen, want dat moet je soms doen. Merel troost me “shhht stil maar, lieve mama”…

Ik was gisteren op zoek naar een aftelkalender voor Merel. Voor een peuter, excuseer kleuter, is het altijd handig om de zaken een beetje visueel voor te stellen. Net zoals ze zich 3 maand geleden ook geen beeld kon vormen van het begrip ‘vakantie’, zo kan ze nu evenmin het begrip ‘op reis gaan’ vatten. Ik begin te typen en google vult automatisch aan: ‘aftelkalender… tot papa terugkomt’. Mijn hart brak. Ik ben niet de enige moeder die het allemaal een beetje visueel wil voorstellen. Ik print een leuk exemplaartje af van Anna (wie kindjes heeft kent haar wel). Bovenaan staat duidelijk en in vette letters: “aftelkalender voor kindjes die hun mama of papa even moeten missen”. Je kan er dan op invullen:  “Ik, ……….moet nog ………. keer slapen en dan zie ik……… terug.  Elke dag kan je dan een kindje kleuren en het laatste kindje staat met de armen in de lucht van blijdschap.Wat een triest kalendertje eigenlijk.
We tellen samen af tot papa terug is. “Papa, heb jij ook zo’n kalender dan?” vraagt ze vol verwondering? “Ja hoor”, liegt papa een leugentje om bestwil.

Vandaag: De werkdag zit erop en ik ga mijn kleine spruit halen op school. We doen nog een paar boodschappen en thuis begin ik aan het eten. Ze vraagt niet naar papa. Ook niet als we effectief gaan eten. Want soms wil ze gewoon liever niet eten en wachten tot dat papa er is. Maar hedendaags is het wel meer dat papa later eet. Bouwen en al, you know! We gaan daarna nog samen in bad en éénmaal in bed begint ze haar mantra af te rammelen: “muziekje aan en de deur openlaten en papa nog komen”. Ze zegt het en ik hoor haar denken “oei nee, dat is niet juist”. Ik zet me naast haar en zeg duidelijk dat papa er niet is vandaag en morgen ook niet en overmorgen ook niet. Papa is met het vliegtuig in de lucht onderweg naar een ver land (nvdr Brazilië bestemming Rio de Janeiro *olé*) “Oké” zucht ze, “dan sturen we een zoen in de lucht hé mama!”
Ze gooit een kushandje boven haar hoofd met een luid smakgeluid erbij. “Maar dat is wel geen echte zoen hé mama, een echte zoen is roze en zo tussen meisjes en jongens en zo” grinnikt ze. Ik kus haar krullenbol en ze legt zich vredig neer. Dag 1 is al voorbij. So far, so good. (manlief hangt momenteel nog altijd boven de oceaan in de lucht, de spanning blijft… pffff)

Kusje
-X-
tijdelijk alleenstaande Merelmama

Vakantiestress (1)

Aaah verlof. Mijn favoriete tijd (lees: 2 weken) van ’t jaar. Het feit dat het hier nu net zo heet is dan in het Zuiden van Frankrijk is zoals extra ‘icing on the cake’. Uitslapen (bij ons tot 7u in plaats van 6u), naar beneden “in de peignoir” zoals Merel dat graag doet, op ’t gemak ontbijten en daarna badje nemen en aankleden. Dat is zalig. Maar de voorbije week zaten we inderdaad wel in het Zuiden van Frankrijk. Wij gingen met het vliegtuig want 12 of 14 uur in de auto bij een verzengende hitte, dat vind ik géén ontspanning. Mensen die zeggen: “Oh, de reis begint van zodra ik in de auto stap” die liegen! Met kinderen (zonder ook) is er NIKS leuk aan om 14 uur lang, met een airco (als ge chance hebt) die véél te koude lucht in uw uitdrogende ogen en mond blaast, met uw benen in uw nek te gaan liggen (lees: auto volgepropt tot aan de nok van het dak). Er is NIKS leuk aan om broodnodig te moeten stoppen in een tankstation voor overpriced benzine, dito uitgedroogde broodjes, slappe koffie en vuile wc’s. Er is NIKS leuk, aan méér dan 1000 km met de auto rijden tout court.    Mijn bescheiden mening, that is.
Maar –> we gingen met het vliegtuig. So far so good! Dochterlief vliegt heel goed, meestal slaapt ze ook gewoon tijdens de vlucht en landing door. Dus: handig en praktisch, check. Een busritje van een half uur tot aan het dorpje van de bestemming, op voorhand opgezocht en zonder tussenstops. Check. We zijn er. Villa met zwembad en schoonfamilie. Gezellig! Vakantie, hoezee! Vijf minuten aangekomen, maakt dochterlief gebaar van buikpijn en al snel ligt haar middagmaal op de oprit van het huisje, tussen de kiezelsteentjes. Damn. Beetje misvallen? Daarna geen problemen meer, ze lijkt er vanaf. ’s Avonds eet ze nog spaghetti en gaat ze heel moe het bedje in, zonder morren. De nodige tetter met neefje die bij haar op de kamer slaapt, laten we maar passeren, kinderen hebben tijd nodig om zich aan te passen. De nacht verloopt goed.

De dag nadien volgt er nog een overgeefsessie, maar tussendoor eet ze gewoon en speelt ze lustig verder. Ze is niet zo’n held als het op hogere temperaturen aankomt (ik ook niet) en dus steken we het op de warmte. Ze is wel moe en haar vrolijke zelfje lijkt in België gebleven. Ze wil de hele dag in bedje slapen en als we haar wakker maken is ze niet te genieten. Als daarna ook al het water dat ze dronk er terug uit komt, gaan de alarmbellen in ons hoofd af. Dit is niet goed. Ze reageert te traag op vragen, heeft de bibber in de handjes en ze is plots heel slap. We (opa, mama en papa) springen de auto in en rijden naar de dichtstbijzijnde spoedafdeling (gelukkig maar 10 minuten rijden). Op de parking geeft ze nogmaals over. Gal. Het kind is op! Met haar slappe lijfje in mijn armen spurten we naar de ingang. Een tiental mensen zit te puffen op de stoeltjes zonder airco. Ik blijf staan en kijk met mijn paniekerige-moeder-ogen naar de verpleegster achter het loket. Kinderen hebben voorrang! Dat is zo! Gelukkig is het snel aan ons. Ik geef haar pasje af en we proberen in ons beste Frans uit te leggen wat er allemaal aan de hand is. Lang hoeven we niet te wachten of we kunnen naar de ‘voorsorteer-post’. Daar waar ze de zware en de minder zware (aanstelleritis) gevallen uit elkaar halen. Een grappige verpleger begint een verhaaltje over ‘son ami en Belgique’ als hij ziet dat we Belgen zijn. WHO CARES kerel! Mijn kind ligt als een zwetende en slappe vod op het ziekenbed. Hij neemt haar vitale functies en die blijken allemaal wel ok te zijn. Ze moet in een potje plassen. Het feit dat ze uitgedroogd is, lijkt ons als een paal boven water te staan en ik wil eigenlijk dat ze zo snel mogelijk aan een baxter wordt gehangen… In een potje plassen. Midstream. Geweldig, de dames onder u zullen wel weten waar het schoentje hier wringt. Een 3-jarig kind zeggen dat het IN dat potje moet en dat het eerste straaltje in het toilet moet, is onbegonnen werk. Ik krijg een doekje met zuurstofwater mee om de boel eerst even te ontsmetten en dan het potje te vullen. Als bij wonder plast ze gewoon en zonder morren in het potje (en op mijn handen maar kan mij dat schelen). Een snel testje vertelt dat ze ketonen in de urine heeft. Voor de leken onder u, wil dit zeggen dat het kind haar “vetreserves” aan het opgebruiken is om aan energie te komen. Wie dochterlief al gezien heeft, in real life, weet dat ze GEEN vetreserves heeft. Haar kleine lijfje is in overdrive. Er moet iets gebeuren. We vliegen terug naar de wachtzaal met de uitleg dat we als ‘dringend’ zijn aangeduid. De verpleger zegt dat het geen zwaar onrustwekkende toestand is, maar dat hij kinderen graag laat voorgaan omdat het snel kan verslechteren. We staan vijfde op de lijst nu in plaats van twintigste. Hoera.

De volgende 4 (!) uur vertoeven we in de wachtzaal wat verderop. Daar is airco en een automaat met drank. Een dagje verlof is een dagje spoed aan het worden en we houden ondertussen het ongeruste thuisfront op de hoogte via WhatsApp.

wordt vervolgd….

 

 

Vrouwenlogica

Gisterenavond had ik weer zo’n avond. Zo’n avond dat mijn humeur omslaat als een donderslag bij een heldere BBQ-hemel. En eigenlijk was het een beetje mijn eigen schuld. Woensdagavond is zumba-avond.
Al het hele (school)jaar eigenlijk, op een paar stopweken na.
Het was de laatste les en ik was al de hele dag van plan om te gaan. Of eigenlijk zo’n 90% van mij was dat van plan laat ons zeggen. De andere 10% was uitvluchten aan het zoeken. Ik had een redelijk stressvolle dag op het werk gehad, maar het was positieve stress en alles was goed verlopen dus dat was geen geldig excuus. Het was de laatste les en er zou toch niet veel volk zijn. Het was 30°C geweest vandaag. Ik had manlief al enkele avonden niet thuis geweten. Alle gekheid op een stokje: ik wou wel gaan, maar ik wou niet meer buiten. Een contradictie in terminis! Dus ik zei dat ik wel thuis wat oefeningen ging doen zo met een ‘goe muziekske’.
Manlief stemde toe (hij zou eens moeten tegenspreken).
Dus ik legde dochterlief in bed en deed alvast mijn sportbeha aan. In sportbeha en pyjamashort (lekker casual) kwam ik naar beneden en begon nog wat op te rommelen in het washok. “Ga je nu sporten of niet?” “Jawel, voor de TV he”.
Ik legde mijn matje klaar en zette youtube op, via de chromecast op TV. (hip hoi voor Google technologie). Ik begon met de buikspieren, gevolgd door de bilspieren. Oefeningetjes die ik nog wist van de postnatale lessen, haha!
Muziek was een beetje flauwtjes, een ander youtube-ke dan. Zoek eens op: ‘workout motivation music’. Wat je dan te zien krijgt is een hoop gespierde vrouwen die aan het “workouten” zijn in één of andere fitness. Zéér motiverend is het om halfnaakte, zwetende dames met maatje 0, in een hotpants te zien rondhopsen in een fitness, met een dubbelgespierde ‘personal trainer’ naast hen die nét dat tikkeltje te dicht staat.
Daar krijgt een mens vooral zin van om te sporten! Moest ik een (heteroseksuele) man zijn met een broek vol goesting, dan zou ik zeker gemotiveerd zijn *ahum*.
Maar dat ben ik niet.
Ik ben een moeder van 30 die probeert van een beetje aan haar fysiek te werken, op een woensdagavond, op een matteke uit de ikea en in haar pyjamashort met bollekes…

Beetje gefrustreerd zet ik een ander youtubeke op want mijn inspiratie voor oefeningen is ver te zoeken ondertussen…
Zumba 20-minute workout. Aha, ideaal en niet te lang, toppie!
Een wederom gespierde deerne begint met de warm-up. Ok, so far so good, deze oefeningen ken ik. Ik doe al jaren zumba, I kid you not! Dan gaat ze verder met de andere oefeningen. Ze doet elke oefening welgeteld 10 seconden. Daarna doet ze alweer iets anders. Ik mag dan nog een geoefend zumba-er (of hoe noem je dat zoiets?) zijn, maar het ging mijn petje te boven. Ik probeerde nog, maar ik stond eigenlijk over en weer te springen als een kip zonder kop. Je had het moeten filmen en versneld afspelen, je zou u dood gelachen hebben, gene zwans. Dus foert! Dat was het dan. Ik geef op!
Ik heb welgeteld 15 minuten bewogen.
Ik zweet wel, dus ik stap duidelijk gefrustreerd naar de keuken om wat te drinken. Daarna ga ik zonder een woord te zeggen in de zetel zitten en staar voor me uit.
Stomme youtube fitnesswijven.
De gewone vrouw met zo’n complexen opzadelen. Ik zucht nog wat en onder het verbaasde oog van een man die het helemaal niet snapt, ga ik naar boven om me te wassen. Ik scheer mijn benen en laat daarna een badje vollopen.
Ik zak nog wat onderuit in een halfvol bad en staar naar het plafond met de spin op.
En ik denk aan de was die nog beneden in de wasmachine zit, de strijk in de mand en hoe vuil ik mijn voeten eigenlijk vind na zo over en weer springen op de livingvloer.

-Zucht- was ik ook maar zo’n zwetende fitness deerne met een sixpack.

kus
-X-
Merelmama

 

Tussendoortje

Lieve lezer, vanmorgen voelde ik me energiek! Was het, het aankomende lenteweer? Of de dikke zoen van mijn lief, die fietsend naar zijn werk reed? Het waren misschien de, in eco-vriendelijk bijenwaspapier gehulde, boterhammetjes die hij met veel liefde voor mij gesmeerd had? Of was het mijn goede nachtrust of het opkomende zonnetje? Mijn glazen potje zelfgemaakte chiapudding met chocolade en kardemom kon het ook zijn. Mogelijks ook de leuke avondactiviteit die ik voor ons tweetjes in gedachten heb. Het afwezig zijn (haar maandelijkse bompa-bomma-meter-weekendje) van ons klein muisje was het niet, want het huis is zo leeg zonder haar! Maar alle gekheid op een stokje, een leuke vrijdagochtend onderweg naar het werk.

ZO leuk dat ik vergat mijn afrit te nemen op de autosnelweg. Ik nam de volgende maar eigenlijk wist ik de weg niet zo goed langs daar. Mijn gsm lag in de aanslag om in te stellen op Google maps indien het fout zou lopen. Vertrouwen op mijn interne GPS dan maar. Die bleek gelukkig goed ingesteld :). Je verplaatsen naar en binnen Antwerpen is een echte uitdaging geworden. Je zou er een hele werkdag mee kunnen vullen: je een paar kilometer verplaatsen in centrum Antwerpen. En het zal er niet op beteren. Aan het aantal bomen te zien dat er reeds gekapt is op de Linkeroever van de Schelde, staan er grote (en langdurige) dingen te gebeuren. Niemand weet eigenlijk exact wat en waar het gaat gebeuren. Aan de 101 plannetjes die je kan vinden over de grote “verbinding” kan ik ook niet aan uit. Soms zijn ze zo simplistisch en summier voorgesteld dat je moeite moet doen om de Schelde te lokaliseren. Nee, ze hebben ons niet graag in Antwerpen, dat is duidelijk. Dingen als “gij zijt van over ’t water zeker?” of “amai gij hebt wel een echt zwaar accent” zijn uitspraken waar ik al mijn hele loopbaan (in Antwerpen) mee geconfronteerd word. Pff naar ‘de’ stad rijden. Binnenkort is ‘de konijnenpijp’ al helemaal geen optie meer voor wie van het Waasland naar de koekenstad wil. ‘WWWB (Wij Willen Waasland buiten)’ zo hadden ze beter de Oosterweelverbinding genoemd. Allemaal door diezelfde Kennedypijp zal het gaan. Tuffend en puffend. Die pijp onder ’t water waar je, ALS je al kan doorrijden, gewoon geflitst wordt! Schandalig is het. Ik werd gestraft, omdat ik eindelijk eens een keertje vlot kon rijden (lees: 93km/u)  nadat ik om 14u (!) stopte met werken. 95 van mijn zuur verdiende centen doneren aan de Stad die mij elke dag tegenwerkt. Zot van A!
O ja, je kan ook de tram nemen naar A, maar dan ben je wel dubbel zo lang onderweg en ben je minstens 4€ per dag lichter…

Tot hier mijn leuke vrijdag, die nog altijd leuk is, maar hier online een beetje overgewaaid is in een Antwerpse colère. Mijn excuses hiervoor ;). Ik wens jullie bij deze nog een zonnig weekend en een even leuke ochtend als de mijne!

Kus
-X-
Merelmama

Pancake Meryl

Mijn dochter wordt groot op pannenkoeken, ’n paar boterhammen en ook ‘droge’ pasta, patatten of rijst soms. Voor de rest beperkt haar dieet zich ook tot frambozen, aardbeien of mango. Lekker duur fruit dus. En dat is het zowat. Koekjes en chocolade gaan er ook wel altijd in. Maar dit reken ik niet tot de categorie eten.

Frustrerend zo’n kieskeurige peuter. Het is met periodes, maar als ik haar in bad zie zitten met haar uitstekende schouderblaadjes en ruggengraat die als een parelketting op haar rugje ligt, dan breekt mijn moederhart. Nu heeft ze weer zo’n periode.
Vanaf dat er eten op tafel komt, gilt ze luid: “Ik wil niet eten!”. En loopt ze weg. Een heel theater élke keer dat we aan tafel gaan wil ik liever vermijden. Maar soms word ik toch kwaad en moet ze eten tegen haar zin, omdat ik het niet kan zien hoe mager ze wel is.
Koppig is haar tweede naam en ze kan het goed genoeg volhouden. Gisteren viel ze van moeite op de zetel in slaap na een driftbui, omdat ze haar kommetje moest leegeten van mama en papa.
Eten lijkt een straf voor haar. Maar dat wil ik er niet van maken, integendeel. Ze “kookt” heel graag en helpt graag mee in de keuken en dat stimuleer ik ook. Groenten in de pot doen, boter in de pan of zelf gehaktballetjes rollen. Misschien heeft ze daar genoeg aan? Kijken naar eten? Het lijkt wel of mijn kleine diva een eetstoornis aan het ontwikkelen is :(. Heel droef word ik er van allemaal.
Haar BMI is 13. 12kg en 96cm op 3 jaar. Voor kinderen is het goed vanaf 15. Dus in kg zou ze makkelijk 14kg mogen wegen. Al krijg ik het niet voor mekaar. Broeken voor haar leeftijd vallen van haar lijf en truitjes hangen te wapperen als een vlag aan de vlaggenmast.
Een pluimpje als je haar vastneemt. Je zou haar zo kunnen plat knijpen door iets te hard te knuffelen. Want dat doet ze nog altijd graag. Een echt knuffelkonijn is het.
“Mamatje, kom eens hier” zegt ze dan. En dan smelt ik in haar kleine dunne armpjes die toch zoveel liefde kunnen omvatten :). Komt wel weer goed zeker?

Kus
-X-
Merelmama

 

 

Vloeiende schaamte

Tutjes zijn voltooid verleden tijd, hoera! (of had ik dat al gemeld?) Al is het zindelijk de nacht doorkomen nog niet altijd zo’n succes. Af en toe wordt er toch nog eens “gemorst in de broek”. Ocharme… Hoe triestig ze dan huilt, hoe beschaamd ze zich voelt. Zo ‘hard’ slapen dat pipi er niet toe doet. Om dan daarna mama wakker te maken (papa hoort niks ’s nachts *zucht*) met een klein kreetje gevolgd door een triest gesnik. Mama die dan om 3u ’s nachts het kind snel even wast, alle lakens ververst (inclusief donsdeken vannacht…) en het kind bedelft onder kusjes, luidop herhalend dat “niet leuk”, maar toch niet zo erg is.  Haar dan terug lekker warm in een proper bedje leggen, maakt het wel goed dan.

Ik herinner mij het gevoel nog van toen ik zelf kind was… Eerst is er het dromen van een toilet… Een groot, blinkend toilet. Ontroerend mooi. Dan volgt het warme gevoel dat naadloos aansluit bij het zien van die grote toiletpot. Een gevoel dat van diep binnenin je, langs je benen, naar beneden vloeit. Meteen erna volgt de afkoeling. Letterlijk. De afkoeling van je benen en de groeiende ontnuchtering dat het niet in orde is… Dan word je wakker en kom je tot het volle besef. Dan komt de schaamte en de tijd tussen het opmerken en het hulp roepen van mama… Een tijd die soms lang kan duren. Maar dan roep je haar en begin je te huilen. Uit schaamte, uit vermoeidheid. Ze komt aangesneld en neemt in een recordtempo handdoeken, lakens en een verse pyjama uit de kast.
In bad wordt de schaamte weggespoeld door het warme water dat uit de sproeier stroomt. Droge kleren maken alles weer wat beter en met de geur van vers gewassen lakens in je neus, zak je weer langzaam weg in een diepe slaap (en mama ook).

We zijn allemaal klein geweest en we hebben het allemaal gedaan…

Kus
-X-
Merelmama

Bouwen en vrouwen

Bouwen en vrouwen. Het rijmt nochtans.  Even een kleine toelichting.
Diegene die het huis bouwt (= laat bouwen), wordt ‘de bouwheer’ genoemd. Op de aanvragen en rekeningen van de gemeente staat dan ook enkel de man vermeld.  Op het uithangbord van de bouwaanvraag voor ONS huis daar ook: enkel de naam van de ‘bouwheer’. Zucht.
Alsof ik er geen geld in ga steken. En wie zegt dat hij betaald heeft? Of checken ze dat bij de bank? Misschien bouw ik wel alleen, met de erfenis van een rijke tante en komt hij bij mij wonen? Wie zal het zeggen? Alfabetisch kan het ook al niet zijn, want dan was ik de bouwheer geweest…

Zaterdagvoormiddag. Ik stap een handel van bouwmaterialen binnen. Het is weekend, dus toevallig draag ik een  kleedje, vestje en mijn laarsjes.
Allereerst houdt een bouwvakker (neem ik aan, vuile kleren en een petje van een of andere bouwfirma) de deur voor me open. Hoffelijk, dat wel. Geen probleem mee whatsoever. Het aangapen en nastaren neem ik er dan maar bij. (is dit #metoo zou ik me moeten afvragen). Ik wandel naar de balie waar een meneer zit met een bedrukt gezicht. Hij kijkt me aan met een half oog en vraagt (naar mijn mening al redelijk neerbuigend): “Voor wat is’t?”. Ik zeg ja, ik heb een vraagje over een gevelsteen (kwestie van even de vraag te kaderen binnen het bouwgegeven). “EEN gevelsteen?” klinkt het honend en hij gaat een beetje achterover leunen in zijn bureaustoel. Alsof ik, domme zaterdags geklede gans,  denk dat er maar één gevelsteen bestaat op deze planeet.
Ik repliceer meteen met de benaming, kleur en fabrikant van de stenen waar ik iets over wil weten. Zijn uitdrukking veranderd een beetje. ‘Ze weet toch precies waarover ze spreekt.’ De rest van het gesprekje verloopt min of meer normaal.
Maar wat moet die man gedacht hebben toen ik binnenkwam? “Wat komt zij hier zoeken… op mannen terrein”… Ik voelde me toch licht aangetast in mijn trots, toen ik de zaak weer verliet. Mijn recht om hier iets te komen vragen is even groot dan moest ik een piemel hebben, toch? Of het feit dat ik een kleedje en geen besmeurde overall droeg was misschien ook al reden genoeg om minachtend te beginnen aan de conversatie.

Nog iets: het aanvragen van een attest van gezinssamenstelling om kinderopvang in vakantie te regelen. Ik log in op de website van de overheid (!) en kan enkel een document afprinten op naam van de ‘referentiepersoon’ B. D. C. En ik dan? Ben ik geen referentiepersoon binnen mijn eigen gezin? Op het blad was nergens af te lezen dat ik de moeder van mijn dochter ben. ‘Niet verwant’ staat boven onze namen. We zijn precies een verzameling mensen, gesprokkeld op straat, die toevallig op hetzelfde adres wonen. Op papier dan toch. Beetje frustrerend wel.
Bij sommige bevragingen (ik ben een fervent enquête-invuller bij onder andere Ivox en Profacts) moet ik ook invullen of ik het ‘gezinshoofd’ ben. Wie is dat het gezinshoofd? Mijn ‘baas’ om het zo te zeggen? Degene die het meest verdient? In 9 op de 10 gevallen inderdaad de man ja. Dat kan niet anders in onze hedendaagse samenleving. Wie is het gezinshoofd bij niet hetero koppels vraag ik me dan af? Is deze term ook niet een beetje gedateerd eigenlijk? Kunnen ze niet gewoon meteen vragen, wie verdient het meest. Het antwoord is toch meestal hetzelfde.
Als vrouw blijk je (op papier) toch dikwijls ‘het aanhangsel’ te zijn. Zijn er nog altijd vrouwen die de naam van hun echtgenoot overnemen? Zoals vroeger? Ze mogen mij altijd even opbellen, zo kunnen ze uitleggen waarom ze dat willen. Jezelf wegcijferen achter het andere geslacht. Ik denk het niet.
Berichtgevingen over de vrouwelijke wielrensters die wel evenveel prijzengeld willen dan de mannelijke fietsers. Wereldkampioenes die het moeten stellen met een luttele 100€. Vrouwenvoetbal, een spelletje aan de zijlijn. Het zijn de mannen die het grote geld verdienen.
Ik wil niet de feministe uithangen, maar het is toch waar zeker. Vrouwen die meestal (niet altijd) de tweede viool moeten spelen. Het is toch allemaal een beetje passé, niet? Maar ja, wat gaan we er aan doen. Op straat komen met ontbloot bovenlijf? Een minimum aantal vrouwen in gemeenteraden en bedrijfsmanagement toelaten. O ja, want we willen zeker ergens ‘zetelen’ omdat we borsten hebben. Dat als enige kwalificatie. ‘Goedemiddag mevrouw, even truitje omhoog? Goed zo. U bent bij deze verkozen.’
Deze morgen nog op de radio. De stadsdichter van Antwerpen is een vrouw. Waw, heel speciaal allemaal, bijna jubelend laat de presentatrice zich gaan. In een rijtje van 9 is het nu de 2e vrouw die stadsdichter is. Hoera voor de vrouwelijke dichter. Of is het dan een stadsdichteres? Nee, die naam zullen ze voor de gelegenheid niet aanpassen.

Zo, even een (kleine?) frustratie op het net gegooid bij deze. Mijn excuses als u zich hierdoor aangetast voelt in uw vrouwelijkheid/mannelijkheid. Altijd welkom om te reageren in elk geval!

Kus
-X-
Merelmama

Voetnoot:
– Even kaderen in mijn eigen gezinssituatie. Ik voel me niet minderwaardig aan mijn partner. En van zijn kant is hier ook op geen enkele manier sprake van. Gelukkig toch.
– Dit is een aanklacht (noem het hoe je wil) tegen de vermannelijking van de maatschappij, niet tegen mannen in het algemeen 😉 .