Toegegeven: ik gaf toe

Ik deed het: ik gaf toe aan mijn kleuter… Niet dat dit wereldschokkend nieuws is. Ik deed het al vaker en geef toe, jij doet het ook.
Maar ik gaf toe: BIG TIME. Ik hield haar thuis van de zwemles omdat ze niet wou gaan… *roll eyes*. Ik voel me er heel erg slecht bij lieve lezer… Maar laat ik het even kaderen voor u.
Ik neem u mee terug naar 3 weken geleden (of eigenlijk al bijna 4). Zondagochtend: zwemles. Lees: ’30 minutes of pure joy’ in het grote zwembad samen met leeftijdsgenootjes. Pure ontspanning denkt u meteen, toch? Nee. Deze keer niet. In de auto al begint het protest. “Ik wil niet zwemmen met de juf mama…” Eerst schoorvoetend, daarna luidkeels en oorverdovend om af te sluiten met zielig en triestig gesnik… Ik vind het al niet leuk. Ik wil haar niet te veel verplichten om dingen te doen. Ze moet al zo veel eigenlijk. Maar “zomaar toegeven” dat is ook tegen mijn principes, dus ik zet door en kleed haar om in de kleedkamer samen met de andere kindjes. Het gehuil is gestopt. Ok denk ik, so far so good. Tot de juf verschijnt en ze mee moet naar binnen. Terug haar keel open alsof ik haar naar de slachtbank heb gebracht. Moeders en vaders kijken mijn richting uit (althans zo lijkt het). Een bleitend kind werkt averechts op andere kinderen…Het trekt hun motivatie naar beneden (of dat maak ik ervan voor mezelf). 
Ik geef haar mee aan de juf en die ontfermt zich over haar. Ik kijk toe vanop het balkon naar de les. Ze zit nog wat te snikken maar doet wel flink mee. Gelukkig.

Ik besluit om de week nadien zelf met haar te gaan zwemmen. Bij wijze van oefening en ook omdat ze het al zolang vraagt. Ik ben het beu om mezelf dingen te horen beloven aan haar en die nooit tot uitvoering te brengen.
Dus de week nadien op zaterdag raap ik al mijn moed en bikini onderdelen bij elkaar en ga ik met haar naar het zwembad. Gezellige moeder-dochtertijd, zalig! In het kleedhokje bereid ik haar al voor: “Merel, we gaan eerst even oefenen in het grote bad en daarna gaan we spelen, ok?” -“Ja mama” knikt ze braaf. We gaan gezwind richting groot bad maar, ramp o ramp, we kunnen er nog niet in omdat er nog een zwemles bezig is. Nog 10 minuutjes mevrouw. Damn. Ik moet wel met haar naar het recreatiedeel want 10 minuten staan kijken naast een zwembad is ook geen optie met een popelende kleuter aan je hand. Ik herhaal nogmaals de oefenen-spelen-mantra en we gaan toch even plonsen. Na een kwartier komen we terug naar het grote bad. Zonder protest. Maar wat dan volgt is een HALF UUR aan mama die vraagt (op alle manieren, oh God, ALLE manieren) of ze wil inspringen en een koppige kleuter die halsstarrig NEE roept/bleit/zaagt/….. 

De spanning in mijn lijft bouwt op. Hoe kan je zo koppig zijn!! Ik voel woede opkomen en weer wegebben. Allerlei zinnen spoken door mijn hoofd, ik ben intern verscheurd door moedertwijfel. ‘Moét ze zit nu doen? Dram ik niet teveel door? Iedereen leert toch zwemmen uiteindelijk?’, ‘Nee, ze kan niet zomaar haar zin krijgen…’, ‘Zo moeilijk is dat nu toch niet, met haar seuterig gedoe’…. Ik blijf nog even staan/hangen in het bad met mevrouwtje op de rand tot ik er genoeg van heb. “Merel, we gaan naar huis!” Ik stap uit het bad en neem haar aan de hand. Ik had een groot drama verwacht, maar nee ze stapt gewoon mee! OK denkt ze bij zichzelf: missie geslaagd… Dat op zich maakte me enkel kwader. Resultaat: de dag nadien (zondag zwemdag) staat mijn hoofd absoluut niet op zwemmen of op les. Ik hou haar thuis (en maar goed ook want zo blijkt, de dag nadien staat ze vol windpokken!).

Was het de aankomende ziekte of gewoon haar extreme koppigheid die met deed overkoken? Ik weet het niet. Maar 2 weken later (lees: alle blaasjes zijn eindelijk verdwenen) liep ze weer te zagen dat ze niet wou zwemmen en ik gaf toe, lieve lezer. Ze moest niet gaan. Terwijl ze PERFECT had kunnen zwemmen… Alle gekheid op een stokje: ik voel me niet geslaagd als ouder. Ik voel me schuldig tegenover de zwemjuf. Ik voel me schuldig tegenover de medeouders, met wie het altijd gezellig praten was op zondagochtend. Ik voel me schuldig tegenover mijn innerlijke moederkloek die zegt dat het NIET ok is, om ‘zomaar’ toe te geven. Ik voel me schuldig tegenover mijn portemonnee en het weggesmeten geld (ze is nog maar 2 lessen van de 8 geweest….) Ouder zijn is niet simpel. Wie dat ooit over zijn lippen krijgt, heeft 300% géén kind(eren). 

Gefrustreerde Kus
-X-
Merelmama

Nest

Soms is het tijd om het wollige nest te verlaten. Het nest dat je gedurende jaren hebt opgebouwd.  Dag per dag heb je, je eigen plaatsje verdedigd en ingericht. Takje per takje, babbel per babbel, project per project. Als dan de dag komt dat het nest voor jou af is, is dat best confronterend. Het is toch mooi? Het is toch goed? De medebewoners zijn wel leuk? Je wil wel gewoon verder doen, maar toch wringt er iets. Het nest is ‘ok’ maar dat is het dan ook. Jij bent niet ‘ok’ met het idee om er nog langer in te blijven zitten. Wachten op… op wat eigenlijk ? Er zijn veel dingen in het nest die zeker niet ‘ok’ zijn…

Het is een druk komen en gaan in het nest. Meer gaan dan komen meestal. En telkens er een bewoner weggaat, zie je een glimp van de buitenwereld. En telkens wordt die glimp aantrekkelijker. En telkens vraag je ook waar de andere naartoe gaan en hoe het daar is/zou zijn…
De meesten komen nooit terug van de buitenwereld. Enkele wel en die komen dan terug met het verhaal dat “het ergens anders ook altijd iets is”. Een magere troost, lijkt mij. De meesten blijven weg en zijn ook (heel) blij dat ze weggaan. Dat is toch een raar idee?

Het hoofd buiten het nest steken is al niet simpel. Het rijmt niet met vertrouwen. Het voelt alsof je het nest bedriegt. Jij, die gaat kijken hoe het ergens anders zou zijn en dan nog wel allemaal achter de rug van de medebewoners, stel je voor! Je mag er ook niks over zeggen over je tripjes naar andere nesten. Het is geheim. Het moet tussen de werken door. Met leugentjes om bestwil soms… wat vreselijk van jou om zo te doen. Het ligt niet in je aard om te bedriegen en te liegen en toch…

Dan komt de dag dat je het letterlijk moet zéggen dat je naar een ander nest gaat. Dat alles al geregeld is. Dat ze op jou staan te wachten… 
Dat je eigenlijk vals geweest bent en het nest definitief gaat verlaten. Dat doet pijn. Dat is niet simpel. Je krijgt het niet goedgepraat in je hoofd, het past niet bij samenwerken en vriendschap. Maar toch weet je dat het in het andere nest beter zal zijn. Of dat denk je toch. Of misschien ook niet? Je weet het niet en dat is het moeilijkste.

Het andere nest is veel dichterbij. Misschien té dichtbij? Er komen wel opties open om andere dingen te doen, meer tijd. Dat willen we toch allemaal? Meer tijd. Terwijl de hoeveelheid tijd voor iedereen op aarde gelijk is. Maar het idee om ‘meer tijd’ te hebben is aantrekkelijk voor bijna iedereen. Vooral voor mama’s en papa’s. Zij hebben (een) klein(e) tijdvretertje(s) in huis. Daar kijk ik naar uit. Geen gehaast meer na(ar) school, meer fietsen, meer dochter, minder auto, meer ‘tijd’. En ook naar het nieuwe nest natuurlijk met nieuwe mogelijkheden, spannende dingen, nieuwe bewoners en nieuwe vanalles eigenlijk. Even terug alles leren, terug van af nul beginnen. Focus verleggen, beeld verruimen.

Ready –  set – go! 

Kus
-X-
Merelmama

PS: aan ons eigen nest bouwen we rustig verder, dat nest snel verlaten ligt niet meteen binnen mijn/onze betrachtingen 😉 

Geboortedag

Gisteren was het mijn geboortedag. De dag waarop ik 31 jaar geleden op deze aardbol kwam. De dag dat mijn mama en papa een extra speciale en levenslange titel kregen. ’s Ochtends werd ik al getrakteerd op een super schattige “Heppy Birthday toe joeee, in de wei staat een koeee en die koe zegt: “Aaiwovejoe” van dochterlief *smelt*. Op het werk kreeg ik verbaasde blikken die vonden dat werken op een verjaardag ‘not done’ was. En ’s avonds gingen we dan met z’n twee uit eten *eveneens smelt*. En voorbij was de dag. Vanaf vandaag antwoord ik dus 31 jaar als u mij naar mijn leeftijd vraagt. Een dag als een ander eigenlijk zo’n verjaardag.

Ik vind de verjaardag van mijn dochter eigenlijk veel specialer. Dan loop ik een hele dag met een smile tot achter mijn oren als in: “jaja, vandaag zoveel jaar geleden heb ik het gedaan: dat prachtige wondertje op de wereld gezet!” Het kind verjaart en mijn moederschap ook. Hartverwarmend. 
Ook dit jaar vraagt ze weer naar zo’n stapel pannenkoeken (10 vind ze gelukkig al een stapel) met kaarsjes op. Meer moet dat niet zijn voor een kind. Voor mijn kind in elk geval dan toch 😀 . Wél heeft ze al 2 A4 pagina’s vol met uitgeknipt speelgoed gekleefd. Als ze dan een reclame op de TV ziet, kruist ze haar armen en roept ze luid en zelfvoldaan: “Aja, dat heb ik al voor mijn verjaardag! Mama kijk, dat heb ik al!” Terwijl ik dan telkens heel ontnuchterend moet zeggen: “Nee Mereltje, je hebt dat gevraagd, maar daarom heb je het nog niet…”. Maar daar heeft ze eigenlijk geen oren naar. 

De tijd van speelgoedreclame (of zoals dochter zegt ‘zienclame’) op de TV is weer aangebroken. Overal komt de man met de rode hoed tevoorschijn, je kan er niet meer naast kijken. En elk jaar overvalt me het gevoel van “moeten-we-dit-weer-doen?”… Sommige ouders vinden het een “magische tijd”. Maar ik eigenlijk niet. Elk jaar denk ik, zouden we haar mee betrekken in de grootste leugen op de planeet (op kinderniveau dan toch)? Of zouden we haar opvoeden in een eerlijk gegeven van kadootjes van mama en papa in plaats van één of andere fake oude man met een aftands gehuurd kostuum en een plakbaard. Ik zal wel zwichten. Als ik haar gezichtje dan zie glunderen bij ‘Dag Sinterklaas’ met die piepjonge Bart Peeters en hoe ik zelf dan vol belangstelling mee kijk naar de “echte” Sint (want ieder van ons weet dat er maar één de “echte” is 😉 ) dan zal ik wel mee volgen met de horde. Al ga ik er dan niet al té veel poespas rond verkopen. Ja, ik zal wel haar lijstje volgen (ze had echt mooie dingen uitgeknipt!), want ik weet nog hoe het was als kind om datgene te krijgen dat je gevraagd had maar dan nét niet hetzelfde… 😀 Daarna krijgen we dan wel haar verjaardag, kerst, nieuwjaar,… alles op een paar weken. Nadeel van geboren te zijn in een feestmaand. Ze overleeft het wel en wij ook :D. 

Feestkus
-X-
Merelmama

Komen spelen

Vorige week vrijdag is het de eerste keer “komen spelen” doorgegaan. Mijlpaal 300465 ofzo?
Een vriendinnetje van school dat komt spelen IN de vakantie bij ONS thuis, stel het u voor! De bel gaat. Met haar hoofdje schuin van schaamte en op haar teentjes draaiend doet ze de deur open (of ik, ze kan de voordeurklink nog niet draaien). Aan de andere kant van de deur staat net hetzelfde meisje, maar met blonde krulletjes en ook draaiend met haar voetjes. Daarachter staat een enthousiaste mama die duidelijk de instructies van het “komen spelen” nog eens overloopt. “M-tje, je mag hier nu met Mereltje spelen, mama gaat eventjes weg en dan kom ik straks terug om je te komen halen”. M-tje, is wel blij en besluit toch maar binnen te komen. De mama van M-tje drukt me op het hart om te bellen als er iets niet oké is. M-tje is de laatste dagen een beetje ziekjes geweest (zo gaat dat in vakanties).
De meisjes komen in de living en Merel vliegt meteen naar haar speelhoek. Fier als een gieter toont ze haar speelgoedjes. “Ja hoor M. (want échte vriendinnen hebben altijd voornamen met dezelfde letters, duh) DIT is mijn step en ze is van Peppa Pig” (stem slaat over van trots). Dan gaat ze naar haar bord: “en dit is een bord en je kan er op tekenen met krijtjes maar nu niet want dan zijn onze kleren vuil en dan is mijn mama niet blij” Haha, brainwash check :p! Ik hoor net mezelf bezig toen ik zelf klein was. Even fier en opgewonden als er iemand op mijn terrein kwam.
Ze beginnen met de popjes te spelen en ik trek me terug in de zetel, met een boek.
Waw, nice… Dit moet ik meer doen! De meiden spelen heel flink en zelfstandig. Ik luister geamuseerd vanachter mijn boek mee. Na een uurtje besluit ik een pannenkoek te bakken. Ze mogen helpen met het deeg en wachten flink tot alles klaar is. M-tje heeft er toch niet zoveel zin in, maar slurpt rustig van haar fruitsapje. Merel eet er dan wel 2 op (die is in een soort pre-winterslaap-eet/boef-modus gegaan tegenwoordig).
Ze spelen nog wat verder. Ik haal de plasticine boven en ze beginnen lustig rolletjes te rollen en pannenkoeken te bakken op het Ikea-tafeltje. Als het bijna ophaaltijd is, begint M-tje zachtjes te snikken. “Ik wil naar huis….” Ocharme, het kind is doodop. Zo drie-en-half uur spelen aan één stuk is toch wel vermoeiend blijkbaar. Ze zijn nog net geen 4 jaar. Ik zet nog even een tekenfilm op en ze ontspannen nog even in de zetel. De bel gaat. Enthousiaste mama pikt M-tje weer op en na een enthousiast uitgezwaai zakt Merel neer in de zetel. Pfff wat een vermoeiende middag denkt ze. Ik denk: het schattige begin van een mooie vriendschap…

Fiere kus
-X-
Merelmama

Toen waren we (even) terug met 2

Een opeenvolging van bizarre zaken deze morgen: een rare groepsknuffel en kus in de keuken, manlief die door de zenuwen (ik ken mijn pappenheimer) een beetje stoïcijns en afstandelijk doet en dan moeder en dochter die staan te wuiven in het deurgat, naar de vertrekkende taxi die de oprit verlaat. Oorlogstaferelen schieten door mijn hoofd. De kroost die huilend staat te zwaaien naar vader die naar de oorlog vertrekt. Hun haren wapperen in de strakke Noordenwind en tranen biggelen langs hun wangen. Zo erg is het niet. Al pink ik wel een traantje weg. We zijn nog nooit zo lang apart van elkaar geweest. Het zal even raar doen.
Een weekje is hij weg, manlief. Een weekje op zakenreis. Een weekje clichés bevestigen, want dat moet je soms doen. Merel troost me “shhht stil maar, lieve mama”…

Ik was gisteren op zoek naar een aftelkalender voor Merel. Voor een peuter, excuseer kleuter, is het altijd handig om de zaken een beetje visueel voor te stellen. Net zoals ze zich 3 maand geleden ook geen beeld kon vormen van het begrip ‘vakantie’, zo kan ze nu evenmin het begrip ‘op reis gaan’ vatten. Ik begin te typen en google vult automatisch aan: ‘aftelkalender… tot papa terugkomt’. Mijn hart brak. Ik ben niet de enige moeder die het allemaal een beetje visueel wil voorstellen. Ik print een leuk exemplaartje af van Anna (wie kindjes heeft kent haar wel). Bovenaan staat duidelijk en in vette letters: “aftelkalender voor kindjes die hun mama of papa even moeten missen”. Je kan er dan op invullen:  “Ik, ……….moet nog ………. keer slapen en dan zie ik……… terug.  Elke dag kan je dan een kindje kleuren en het laatste kindje staat met de armen in de lucht van blijdschap.Wat een triest kalendertje eigenlijk.
We tellen samen af tot papa terug is. “Papa, heb jij ook zo’n kalender dan?” vraagt ze vol verwondering? “Ja hoor”, liegt papa een leugentje om bestwil.

Vandaag: De werkdag zit erop en ik ga mijn kleine spruit halen op school. We doen nog een paar boodschappen en thuis begin ik aan het eten. Ze vraagt niet naar papa. Ook niet als we effectief gaan eten. Want soms wil ze gewoon liever niet eten en wachten tot dat papa er is. Maar hedendaags is het wel meer dat papa later eet. Bouwen en al, you know! We gaan daarna nog samen in bad en éénmaal in bed begint ze haar mantra af te rammelen: “muziekje aan en de deur openlaten en papa nog komen”. Ze zegt het en ik hoor haar denken “oei nee, dat is niet juist”. Ik zet me naast haar en zeg duidelijk dat papa er niet is vandaag en morgen ook niet en overmorgen ook niet. Papa is met het vliegtuig in de lucht onderweg naar een ver land (nvdr Brazilië bestemming Rio de Janeiro *olé*) “Oké” zucht ze, “dan sturen we een zoen in de lucht hé mama!”
Ze gooit een kushandje boven haar hoofd met een luid smakgeluid erbij. “Maar dat is wel geen echte zoen hé mama, een echte zoen is roze en zo tussen meisjes en jongens en zo” grinnikt ze. Ik kus haar krullenbol en ze legt zich vredig neer. Dag 1 is al voorbij. So far, so good. (manlief hangt momenteel nog altijd boven de oceaan in de lucht, de spanning blijft… pffff)

Kusje
-X-
tijdelijk alleenstaande Merelmama

Merelpraat (3)

Merel tegen wildvreemde op restaurant:
– Ik heb een zonnebril, voor de zon! (schuift zonnebril over en weer op haar neus)
5 minuten later
– Ik heb krulletjes, oranje krulletjes ! (kijkt ‘verleidelijk’ terwijl ze met krulletje draait)
5 minuten later
– Wij zijn met de fiets en we komen van héél ver gefietst… (zelfverzekerd gezicht)
5 minuten later
– Ik ga nu PIPI doen ! (paradeert triomfantelijk voorbij de tafel)

Komen aan na fietstochtje aan op pleintje met bomen en kapelletje
“Ooh mama, het is hier PRACHTIG” !

Honger!
“Mama gaan we witte broccoli eten??” (bloemkool, jup, ik moest ook even nadenken)

Talenknobbel, check! 
We fietsen in de winkelstraat en rijden voorbij een Frans pratend koppel:
“Mama, die mevrouw spreekt Frans eh!” *mond mama en papa valt open van verbazing!*

Praktische problemen…
Merel: “Mama waar ga ik vandaag naartoe?” (kleutertje met routineloze vakantiestress)
Mama: “Mama en papa gaan werken en jij gaat naar Opa he Mereltje”
Merel paniekerig: “Mah, mama ik kan toch niet RIJDEN!!!”

 

Tales from the crib…

Dit weekend was het alle hens aan dek ten (toekomstige) huize Merelmama. De vloerverwarming was op komst! Lees: de vloerisolatie moest gelegd worden en wel dringend. Een ‘jobke’ dat sneller uitgesproken was dan gedaan (zoals wel meer dingen dat zijn op een werf). Zaterdag ging ik meehelpen, of meekijken *ahum*. Met 4 man (waarvan 1 vrouw) aan een zelfde klusje bezig zijn, is niet bepaald handig. Dus trok ik me (op aanraden van manlief) terug op de bovenverdiepingen met een rol aluminiumtape en een bende ventilatiebuizen die vroegen om afgetapet te worden. Mijn ladderke, de buizen, de tape en ik. Aja en ook de tetterende Poolse dakwerkers op de achtergrond.

Eigenlijk vind ik dat wel ontspannend, zo werken op de werf. Fysiek niet echt, maar wel mentaal. Ik ben compleet gefocust op mijn taakje. In mijn geval: de buizen afplakken. Mezelf in bochten wringen en kijken hoe ik het gedaan kon krijgen, dat vind ik wel tof zo. Mijn (overdaad aan) lichamelijk testosteron krijgt dan ook telkens een boost als ik me in die werkbroek hijs. Een zwarte werkbroek, ge weet wel, zo één met véél zakken en verfvlekken op. Een erfenis die ik kreeg van mijn zus, toen zij op haar beurt vrouwelijk testosteron rondstrooide op haar bouwwerf. Als ik die broek aanheb, kan niemand mij iets maken. Dan heb ik ook in mijn hoofd de ‘ge-gaat-vuil-worden-schakelaar’ omgezet. Mijn steeds zwarter wordende vingers (van de tape) kunnen me dan ook niet deren en dat alleen is al een overwinning, al zeg ik het zelf 😀 . Als het echt te bont (vuil) wordt, heb ik wel altijd mijn paarse tuinhandschoentjes in mijn zakken zitten.

De dag schuift verder en het gaat allemaal maar traag vooruit. Gelukkig heb ik zo’n mama die de catering en de kinderopvang doet, waarvoor eeuwige dankbaarheid trouwens. Toen we klaar waren (toch voor die dag) had ze heerlijk stoofvlees en pudding voorzien om de innerlijke mens te sterken. Dat manlief de dag nadien ook nog tot 22u30 zou bezig zijn, was niet voorzien. Maar hey, het is afgeraakt (danku stiefpapa en vriend des huizes voor de extra handen)! Vandaag komt dan de voetjesverwarming en eind van de week de chape (‘de chape’, dat klinkt écht zo bouw-achtig he 😉 ) .

Het komt wel snor met ons huisje. Nog een héél druk half jaartje schat ik en dan is het tijd om nogmaals de verhuiswagen te reserveren. Ik kijk er naar uit om niet altijd over hetzelfde onderwerp te moeten babbelen. Met manlief, met collega’s, met familie, met jan en alleman. Ik kijk er ook naar uit om gewoon naar mijn zicht- en spaarrekening te kunnen kijken, zonder verrassingseffecten. Of om gewoon onze weekendjes samen te kunnen doorbrengen en niet meer te hoeven zeggen dat ‘papa nog aan het werken is’. Om op een zondagmorgen weer gezellig samen te kunnen ontbijten in onze pyjama en na te denken wat we die dag zullen doen. Ik wil terug mijn huishouden kunnen beteugelen, nuttige (!) weekmenu’s maken, ons zero-wasten op punt stellen en dan nog tijd hebben om iets leuks te doen voor mezelf. Nog even doorbijten. Voor manlief, on the frontstage en voor mij en Mereltje, behind the scenes.

Kus
-X-
Merelmama