Categorie: Afscheid

Einde zomer, start routine

Deze begon ik zowat 2 weken geleden te schrijven, dus ik dateer even. Of u zou nog denken dat ik uit een ander tijdperk kom 😉 .

28 aug 2020
Ik adem uit. Wolken schuiven voorbij, het laatste lesje zomeryoga eindigt met een fleecetrui aan, op mijn matje in het park dat zich op 5 minuten van onze voordeur bevindt. Het einde van de zomervakantie komt er aan. Een zomervakantie die toch op zich een beetje raar te noemen was en die ook weer voorbij gevlogen is. Het einde van de kleutertijd heeft ons ingehaald. Het heeft me al tot tranen toe ontroerd, zomaar midden in of na een drukke dag. Ons kleutertje is een ‘madammeke’ geworden. Ik merk het aan haar maniertjes, haar (tegen)spraak *jahaaaa mamaaaa*, haar manier van spelen, het veranderen van haar interessegebied. Ze kan superlief zijn (“mama, ik ga met jou trouwen”) maar ook superboos. Ze gilt luid en stampt met de voeten of dient elke vraag die ik stel meteen van antwoord en niet altijd in de positieve zin. Soms voelt het alsof ik een echte puber in huis heb. Discussies waar geen eind aan komt en meningen die onder geen enkel beding kunnen worden aangepast.

De schoolroutine is misschien wel iets waar ik naar uitkijk en ook de lange donkere herfstavonden gezellig onder het dekentje in de zetel. Onze eerste echte winter in het nieuwe huis. Ik ben een herfstkind, geboren in november. De herfst is mijn favoriete seizoen. Wandelingen in het bos met de dorre blaadjes knisperend onder mijn voeten en de zoete geur van afgevallen bladeren in mijn neus. Daarna binnenkomen in een warm huis en genieten van een kopje koffie bij een goed boek. (we weten allemaal dat boswandelingen dikwijls meer iets zijn van “Zijn we der al? Wanneer gaan we naar huis?, ik heb honger!, ik moet pipi doeeeen”, maar dat volledig terzijde, laat ons even in deze illusie blijven)

Eerste schoolweek september 2020
Ik adem uit. We hebben haar afgezet op school met haar (grote!) bloemenboekentas inclusief (grote!) brooddoos en 7 mappen. Ze straalt, mijn kleine meid, ze is er klaar voor! Maar hey, plots heeft mijn kind mappen nodig seg, noem mij een ‘seut’, ik vind dat toch plots ‘veel’ om te slikken.
Als ’s avonds de weekagenda meekomt ook: om de 2 weken zwemmen, turnen op donderdag, leesdoosjes, letterdoosjes, huiswerk… Het is toch allemaal wennen om mijn kleutertje daar mee samen te rijmen. Nog méér dingen die ik kan vergeten ook! “Mamaaa, jij vergeet altijd alles he” is een zin die dochterlief wel meermaals naar mijn hoofd slingert en ze heeft gelijk, al een geluk dat mijn hoofd aan mijn lijf vasthangt of ik zou het ook overal vergeten. Misschien is dat iets typisch voor moeders? Ik zeg voor mezelf altijd dat wanneer je bevalt, een deel van je verstand mee richting uitgang gaat, zo voelt het voor mij alleszins toch en ik heb (nog) maar 1 kind… Ik heb er misschien wel 1 dat minstens voor 2 telt, zij het om andere redenen dan.

Ik schreef haar trouwens in voor dansles. Ik vond wel dat zo een eerste leerjaar samengaat met een hobby(tje) ook al blijft het altijd koorddansen tussen ‘zichzelf leren ontdekken’ en ‘te veel verwachten van mijn kind’.
Nu, het is niet dat het kind plots hele choreografieën moet vanbuiten leren, ik schreef haar in voor kleuterdansen. Gewoon om wat te wennen aan het idee van een hobby en ja ook omdat de muziek bij het alternatief (Hip Hop 6+) in mijn ogen meestal samen gaat met ‘f*ck, p*ssy’-woorden en dat was toch niet wat ik wou voor mijn (nu nog) 5-jarige, haha.
De reactie na de eerste les was: “Mama, het was suuuuuperleuk!” Dus ik denk dat we deze zaterdag nog eens tot daar rijden 🙂 .

Kus
-X-
Merelmama

Twee is teveel

Daar reed hij van de oprit en de straat uit: mijn allereerste autootje met zijn nieuwe eigenaar. Ik keer me om en trek de voordeur achter me toe. Enkele traantjes rollen van mijn wang en manlief ontvangt me met een “maar liefje toch”… Best emotioneel, je enige auto verkopen zo zonder een nieuwe in de plaats. We hakten de knoop door: twee auto’s is teveel. Ik werk letterlijk 800m van mijn voordeur en ook manlief kan elke dag fietsend naar zijn werk, dus waarom nog geld steken in verzekeringen en brandstof voor een auto die maar enkele keren per maand van de oprit rolt.

We beslisten om een elektrische bakfiets te kopen. Na veel wikken en wegen kozen we ons model uit en we zijn ondertussen in volle verwachting. Ja, we worden bakfietsmensen en nee, daar kan je niet enkel op rijden met geitenwollensokken aan ;). We wonen nu in het dorpscentrum en de fiets nemen om een kleine boodschap te doen of het kind naar school te doen, voelt gewoon beter met de fiets nu. Met de auto ben je zelfs langer onderweg… En ja, het is soms een beetje afspreken zo met 1 auto, maar dat lukt echt wel. En ja, we zullen soms nat zijn van de regen maar Merel dan tenminste niet, zij zit lekker in haar coconnetje op wielen. Ze kijkt er al naar uit zei ze en terecht.

Ze voelt zich goed in haar/ons coconnetje. We hebben het rond haar gesponnen: een web van zachte gevoelens en liefde, van begrip en overbezorgdheid. Een nestje van “kom maar bij mama/papa liefje”, knuffels en overdreven veel kusjes. Misschien maken we haar coconnetje iets te zacht denk ik soms. Misschien geven we toch iets te rap toe als ze (weer) zeurt om iets, uit een soort onbewust ‘medelijden’, en ik wil niet het soort mama zijn die haar kind alles toezegt. Tussen ons gezegd en gezwegen: ik kan niet goed tegen kinderen die alles toegezegd krijgen/kregen en toch laat ik me dikwijls ‘vangen’ door haar ongelooflijke charmes. Ze windt me rond haar kleine vingertjes terwijl ik er zelf bij sta. Soms besef ik dat wel en dan geef ik niet toe maar soms merk ik het ook niet, achteraf bekeken dan. Maar och, de wereld is al zo hard en er zijn zoveel dingen die ze zal “moeten” doen later. Haar ‘pamperen’ nu ze nog in mijn armen past, daar geniet ik stiekem ook wel van… Ik probeer er mijn hoofd niet teveel over te breken, al is dat sterker dan mezelf. Laat het maar lekker rijden, ons coconnetje, een fietskar gevuld met alle liefde van de wereld en het kleine centrum van mijn universum er midden in.

❤ ❤ ❤

Kus
-X-
Merelmama

Goodbye 2019

Het is weer zover. De laatste uren tikken weg. Nog even en 2019 ligt officieel achter ons. Een jaar waar er, op zijn minst gezegd, véél gebeurd is voor ons en voor ons meisje. Het begon met hele bange uren tijdens en na de eerste operatie op 28 december 2018. Het herseninfarct dat volgde in januari en de halfzijdige bijna-verlamming en bijhorende spraakstoornis die haar daarna parten speelden. Het jaar vervolgde met vele uren intensieve revalidatie, vele ritjes naar Gent en ook vele uren die haar lieve juf T. daarna hier thuis spendeerde om onze kleine meid er weer bovenop te helpen. Ze hielp haar mee de woordjes te zoeken en de bewegingen te maken die ze was kwijtgespeeld. We hebben haar daar uitvoerig voor bedankt want ik vergeet het nooit wat ze deed voor ons. Ook de lieve oma’s en opa’s, bomma’s en bompa’s die voor haar zorgden tussen de operaties en revalidatie door, wil ik graag nog eens in de bloemetjes zetten via deze weg.

Het jaar zoefde verder door en ondertussen gaat de revalidatie in onze thuisgemeente door, 2 keer per week en heeft het thuisonderwijs plaatsgemaakt voor gewone schooldagen. Van september af gaat ze weer fulltime naar school en wat doet ze dat goed! De woordvinding en de verlamming zijn (bijna) ver te zoeken. Ze heeft een bocht van 180° gemaakt met haar geweldige lijfje. Het lijfje dat dat allemaal maar doet, zomaar uit zichzelf en met een beetje hulp. Haar lieve lachjes en onuitputtelijke knuffels helpen haar hier ongetwijfeld mee. Ze is terug, ik kan het zeggen. Onze meid is 100% terug. De vakantie doet haar deugd en ze strooit met grapjes en gekkigheidjes in het rond: “Mamaaa, ik maak een grapje hoooor!” Oogjes die rollen en een guitig lachje dat volgt. Ik smelt ter plaatse als ik haar zo bezig zie. Wat wel blijft is de medicatie die ze levenslang zal nemen en dat is best een last voor zo’n klein kind, ook al is ze dat al héél goed gewoon zo die spuitjes en pilletjes. Ze vraagt er zelf achter en ze zal snel zelfstandig weten wanneer er wat moet genomen worden. In een notendop en heel kort gezegd was dit wat er gebeurd is. Ik vergat nog 2 operaties maar ik bespaar u de details.

2019 was een jaar vol met extreme emotie. Onze tijd in Parijs en Orsay was er ook zo één. Een vooral psychologisch zware 2 maanden in ons leven die, eigenlijk achteraf pas, zijn tol eiste voor ons gemoed. Maar we bleven praten met elkaar en lachen ook op momenten dat het huilen ons eigenlijk nader stond. Blijven ademen en doorgaan want zij moest het ook. Bestraling op haar mooie hoofdje, prikken in haar armen/handjes/voetjes, eindeloos lang onderweg zijn naar overal, ze heeft het allemaal met de glimlach ondergaan. Ik heb schrik voor de weerbots, misschien krijgt ze die ooit, misschien niet wie zal het zeggen. Tijd heelt vele wonden en brengt vele antwoorden. Tijd heelde Merel.

Ik hoop in 2020 vooral op méér tijd. Méér tijd voor ons gezin en voor onszelf. Met een nakende verhuis naar onze werf, die misschien eindelijk toch eens in een ‘huis’ zal veranderen, zal dat wel lukken denk ik. Waar is de tijd dat we in het weekend samen naar de winkel gingen, met z’n drietjes? Onnozel, maar ik kijk er naar uit. Gewoon een zondagje niksen thuis of lekkere dingen maken samen. Zalig!

Ik val misschien in herhaling met deze blog maar al de woorden die ik hier ooit schreef, kunnen niet omvatten wat 2019 voor ons was (de laatste dagen van 2018 inclusief). Een nieuw decennium is misschien wat we nodig hebben: nieuwe kansen en verse pogingen voor alles wat we ondernemen en een gelukkig en gezond meisje dat met ons mee huppelt.
Misschien is er dit decennium meer geluk dat onze kant uitkomt. Ik hoop het…

Dikke zoen, tot volgend jaar en al het mooiste voor 2020 gewenst.

-X- Merelmama

The Good, the Bad and the Ugly

Goed of kwaad. Een duo zoals vooruit en achteruit, je kan niet beide doen want dan blijf je staan. Zo heb je ook goedaardige en kwaadaardige tumoren, ze kunnen niet allebei zijn.
Al vind ik dat -goedaardig/kwaadaardig- een belachelijke stelling. Een tumor is NIET OK, zelfs niet als hij “goedaardig” is. Alsof het ding dan plots ‘vriendelijk’ is. Zo van: “Hoi sorry he, tis hier met de tumor. Ik ga hier gewoon een beetje groeien zo, je zult nergens last van mij ondervinden, laat mij maar gewoon doen geen erg in hebben!”. Zo is het dus niet (of ja, eigenlijk ook wel… bij nader inzien). Een goedaardige tumor groeit ook, weliswaar trager, maar hij groeit en duwt alles weg op zijn pad. In Mereltje haar geval waren dat de oogzenuwen en -hou u vast- zo goed als ALLE grote bloedvaten in de hersenen. Alles zat gespannen rond het spul, de tennisbal, de tumor.

Misschien moeten we het spul een naam geven om het goedaardige te erkennen. We zullen hem Tim noemen. Tim Tumor. Tim zat er waarschijnlijk al van bij haar conceptie. Toen Mereltje nog maar een hoopje cellen was, dat in mijn buik uitgroeide tot een prachtige meid. Tim groeide heel erg traag maar mannetjes zoals Tim geven inderdaad geen klachten. Zo zijn ze. Traag en beetje ‘goedaardig’ he. Traag groeiend op het pad van de minste weerstand. Klachten komen er pas als dat pad te smal wordt en er daadwerkelijk dingen ‘in de weg’ beginnen zitten… Geluk bij een ongeluk (en meestal ook het eerst zichtbare symptoom) waren het de oogzenuwen. Een zichtbaar teken voor ons, dat het écht niet OK was, dat dringende actie vereist was… Ook al zijn kleine kleutertjes meesters in het compenseren van dingen.

Die actie is nu 10 dagen geleden. Tim moest eruit en wel heel dringend. Chirurgen had hij verbaast met zijn grootte. “Indrukwekkend groot” hoorde ik een assistent zelfs zeggen. Hoe zo’n mottige hoop cellen ‘indruk’ kan maken… Na 10 dagen zonder Tim konden we gisteren de ‘picu’ (pediatric intensive care unit) verlaten en kwamen we op kinderoncologie terecht. Zo’n afdeling die je enkel kent van ‘Kinderziekenhuis’ waar je dan in de zetel tranen met tuiten zit te bleiten voor het leed van andere ouders en hun kleine vechtertjes. Waar je dan luidop tegen je partner zegt: “als we daar maar nooit moeten zijn”… Nu zit ik hier zelf. Hoe snel kan het leven veranderen.

Dagen zijn gevuld met dokters, verpleegsters, kinesisten, ergotherapeuten, consulenten en nog meer mensen die zomaar komen binnen en buiten gelopen. ‘Hallo, ik ben …’ Alsof ik al die namen onthoud… 101 gezichten die passeren en Mereltje moeten zien, bekijken, meten, aanspreken…’t Kind heeft daar uiteraard ook niet altijd zin in. Als iedereen komt vragen “knijp eens in mijn hand”, “kijk eens haar hier”, “doe eens zo en doe eens dat”… Je zou van minder ambetant worden. Dat is ze dan ook. Ook het feit dat woordjes soms op haar lippen blijven hangen frustreert haar. Het moet heel erg confronterend zijn. Ook al staan kinderen daar misschien minder bewust bij stil.

Het is in elk geval confronterend voor ons. Plots is je kind niet meer hetzelfde. Het is een soort rouwfase waar je als ouder in komt. Een soort afscheid van het kindje van voor de operatie. Het vrolijke gekke Mereltje die ze was. Ze komt misschien terug, misschien niet. Ik herken wel haar maniertjes maar helemaal dezelfde zal ze waarschijnlijk nooit worden. Een leven vol medicatie en scanners staat haar te wachten. Voor ons een leven aan onzekerheid en schrik voor Tim die ooit nog kan terugkomen. Ja, het had erger kunnen zijn, dat besef ik ook. Het had wél kwaadaardig en snelgroeiend of uitgezaaid kunnen zijn. Het had kanker kunnen zijn en eentje die met geen chemo ter wereld kon weggejaagd worden. Ze had verlamd kunnen zijn of niet meer zelfstandig kunnen ademen. Dat is het dus niet. En daar zijn we enorm dankbaar om. Maar het is niet van de poes, ook de opvolging en de lange weg van revalidatie niet. Het al of niet bestralen van de restjes van Tim is nog een vraagteken (er zijn er nog héél veel). Tim is niet 100% vertrokken. Dat kon hij niet. Dan zou hij teveel kapot gemaakt hebben. Hij vond het daar zo gezellig dat hij zich overal had vastgeklampt…

Morgen mogen de draadjes uit haar hoofdje. Tussen haar haartjes zit nu een ‘ritsje’ waar Tim door gepasseerd is met zijn hebben en houden, goed verborgen onder haar krulletjes (wie ze kent weet hoe ongelooflijk mooi ze zijn). Later zal je er niets meer van zien. Iedereen brandt kaarsjes voor onze kleine meid en zo bijna alle duimen in Vlaanderen (en ver daarbuiten!!) staan in dezelfde richting. Dat steunt. Ook al staan we allemaal -wij ook- met onze rug tegen de muur… Voordeel daarvan is dat je enkel vooruit kan kijken. Achteruit heeft geen zin meer.

Dikke zoen

-X-

Merelmama

Nest

Soms is het tijd om het wollige nest te verlaten. Het nest dat je gedurende jaren hebt opgebouwd.  Dag per dag heb je, je eigen plaatsje verdedigd en ingericht. Takje per takje, babbel per babbel, project per project. Als dan de dag komt dat het nest voor jou af is, is dat best confronterend. Het is toch mooi? Het is toch goed? De medebewoners zijn wel leuk? Je wil wel gewoon verder doen, maar toch wringt er iets. Het nest is ‘ok’ maar dat is het dan ook. Jij bent niet ‘ok’ met het idee om er nog langer in te blijven zitten. Wachten op… op wat eigenlijk ? Er zijn veel dingen in het nest die zeker niet ‘ok’ zijn…

Het is een druk komen en gaan in het nest. Meer gaan dan komen meestal. En telkens er een bewoner weggaat, zie je een glimp van de buitenwereld. En telkens wordt die glimp aantrekkelijker. En telkens vraag je ook waar de andere naartoe gaan en hoe het daar is/zou zijn…
De meesten komen nooit terug van de buitenwereld. Enkele wel en die komen dan terug met het verhaal dat “het ergens anders ook altijd iets is”. Een magere troost, lijkt mij. De meesten blijven weg en zijn ook (heel) blij dat ze weggaan. Dat is toch een raar idee?

Het hoofd buiten het nest steken is al niet simpel. Het rijmt niet met vertrouwen. Het voelt alsof je het nest bedriegt. Jij, die gaat kijken hoe het ergens anders zou zijn en dan nog wel allemaal achter de rug van de medebewoners, stel je voor! Je mag er ook niks over zeggen over je tripjes naar andere nesten. Het is geheim. Het moet tussen de werken door. Met leugentjes om bestwil soms… wat vreselijk van jou om zo te doen. Het ligt niet in je aard om te bedriegen en te liegen en toch…

Dan komt de dag dat je het letterlijk moet zéggen dat je naar een ander nest gaat. Dat alles al geregeld is. Dat ze op jou staan te wachten… 
Dat je eigenlijk vals geweest bent en het nest definitief gaat verlaten. Dat doet pijn. Dat is niet simpel. Je krijgt het niet goedgepraat in je hoofd, het past niet bij samenwerken en vriendschap. Maar toch weet je dat het in het andere nest beter zal zijn. Of dat denk je toch. Of misschien ook niet? Je weet het niet en dat is het moeilijkste.

Het andere nest is veel dichterbij. Misschien té dichtbij? Er komen wel opties open om andere dingen te doen, meer tijd. Dat willen we toch allemaal? Meer tijd. Terwijl de hoeveelheid tijd voor iedereen op aarde gelijk is. Maar het idee om ‘meer tijd’ te hebben is aantrekkelijk voor bijna iedereen. Vooral voor mama’s en papa’s. Zij hebben (een) klein(e) tijdvretertje(s) in huis. Daar kijk ik naar uit. Geen gehaast meer na(ar) school, meer fietsen, meer dochter, minder auto, meer ‘tijd’. En ook naar het nieuwe nest natuurlijk met nieuwe mogelijkheden, spannende dingen, nieuwe bewoners en nieuwe vanalles eigenlijk. Even terug alles leren, terug van af nul beginnen. Focus verleggen, beeld verruimen.

Ready –  set – go! 

Kus
-X-
Merelmama

PS: aan ons eigen nest bouwen we rustig verder, dat nest snel verlaten ligt niet meteen binnen mijn/onze betrachtingen 😉